Interview Noks Nauta

interview met Noks Nauta – winnaar Mensa Fonds Award categorie Maatschappij
 
Noks Nauta, psycholoog en bedrijfsarts, ontving na jaren van vrijwilligerswerk en tomeloze inzet de Mensa Fonds Award in de categorie Maatschappij. De jury had grote bewondering voor de wijze waarop Noks zich inzet op alle vlakken, zowel binnen als buiten haar eigen vakgebied. Een paar dagen voordat we haar spraken werd ze zelfs Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Ze kreeg het lintje, net als de Mensa Fonds Award, vanwege haar inzet voor hoogbegaafde volwassenen en hoe zij het beste kunnen worden ingezet in de maatschappij. Noks was in 2000 een van de eersten die dit onderwerp op de kaart zette.  

We mogen je inmiddels twee keer feliciteren!

Inderdaad. Ik ben er wel een beetje ondersteboven van … Eigenlijk wil ik zelf helemaal niet in de schijnwerpers staan. Ik ga liever gewoon aan het werk! Eerlijk gezegd heb ik me nooit zo gerealiseerd wat de invloed is van wat ik doe. Het is me overkomen. De Mensa Fonds Award - en nu onlangs een lintje - zijn wel een fijne bevestiging van al het werk van de afgelopen jaren.

Waar komt de drang vandaan?
Drang is niet helemaal het juiste woord. Ik kwam er op mijn 52e achter dat ik hoogbegaafd ben. Er viel toen veel op zijn plek. Door mijn achtergrond als bedrijfsarts en A&O-psycholoog heb ik me in het onderwerp gestort en in 2010 samen met Maud van Thiel het Instituut Hoogbegaafdheid Volwassenen (IHBV) opgericht. Dat is niet iets waarbij je binnen een paar maanden resultaat ziet. Je begint na jaren een keer te oogsten.

Je doet het al bijna zeventien jaar belangeloos. Hoe hou je dat vol?
(lacht) Tja, van mijn boeken word ik inderdaad niet rijk! Ik kon altijd prima rondkomen van mijn parttime baan en ben nu al zes jaar met pensioen. Zoals ik al zei: dit was niet gepland. Ik was in 2000 op een bijeenkomst van de Groei Op Het Werk SIG van vereniging Mensa. Iedereen die daar was had gedoe op het werk. Iedereen! Ik dacht bij mezelf: waarom weet ik dat niet met mijn professionele achtergrond? Toen ben ik begonnen.

Toen viel het kwartje?
Ja. En ik ben een academicus, dus ik wil onderzoeken. Dat is overigens geen eenzaam pad geweest, want ik werk en heb gewerkt met veel geweldige mensen: Betsy Buisman, Frans Corten, Maud van Thiel, Willem Wind en vele anderen … Het eerste artikel dat een vaktijdschrift accepteerde en publiceerde over hoogbegaafdheid van volwassenen was een belangrijke eerste stap richting meer acceptatie van hoogbegaafdheid.

Toch is er ook weerstand…
Dat hoort erbij, als onderdeel van het proces. De weerstand komt soms vanuit de ‘hoogbegaafde wereld’. Vaak zijn dit reacties die bij mensen ontstaan vanuit een diepere en persoonlijke problematiek. Vanuit de wetenschappelijke wereld krijgen we ook commentaar: ‘hoogbegaafdheid’ zou geen valide concept zijn. Dat is een lastige discussie.

Leg eens uit…
Maud van Thiel heeft in 2006 en 2007 een Delphi-studie gedaan: hoe ziet een hoogbegaafde volwassene eruit? Welke kenmerken zien we?  In de wetenschappelijke wereld vraagt men vaak om ‘harde’ cijfers, die hebben we bijna niet, dan moet je vanuit IQ-getallen werken. Maar op deze manier kunnen we juist breder kijken naar de mensen. We kijken uit principe naar de positieve kanten van hoogbegaafdheid. Dat kan een dilemma zijn in het kader van financiering. Zouden we een negatievere invalshoek nemen – bijvoorbeeld effecten op de gezondheid van mensen – dan zou het een argument kunnen zijn om externe fondsen te werven. Dat lukt helaas nog niet. Nu doen we alles zonder extern geld.

Zijn er vaak mensen die je om persoonlijk advies vragen?
Jawel, maar mijn antwoord is even kort als eenvoudig: je moet het echt zelf doen. Leer eerst jezelf kennen. Wat ik vertel is theorie. Jij leeft in de praktijk. Die moeten gaan matchen. Als je niet eerst rijlessen neemt voordat je in een snelle auto stapt, vlieg je waarschijnlijk meteen de bocht uit. Verdiep jezelf daarom in je eigen hoogbegaafdheid. En vooral: ben ertoe bereid. Dan ga je het snappen en vind je beter de weg in het leven en in je werk.

Er is dus niet één oplossing?
Natuurlijk niet. Ieder mens heeft ook een karakter. Unieke kenmerken. Het gaat ook niet alleen maar om dat IQ. Of die grens van 130. Hoog-intelligent zijn is niet hetzelfde als hoogbegaafd zijn. Ook je specifieke talenten en sociale capaciteiten spelen een rol in hoe je bent en ermee omgaat. Mensen stranden omdat hoogbegaafdheid niet wordt herkend of geaccepteerd. Dus zeg ik bijvoorbeeld wel eens tegen werkgevers: zoek de lastigste medewerkers op. Die hebben je het meeste te bieden. Die hoogbegaafde werknemer moet dan natuurlijk wel bereid zijn om naar zichzelf te kijken en zich constructief in te zetten. Mensen worden bijvoorbeeld lastig omdat ze hun ei niet kwijt kunnen en dingen willen verbeteren, terwijl anderen dat niet zo zien.

Wat wil je nog zeggen tegen de toekomstige winnaars van de Mensa Fonds Award?
Draag je boodschap uit waar het kan. Hoogbegaafdheid is mooi, maar er is nog veel weerstand en vaak is dat uit onwetendheid. Winnaars maken daarom het verschil!